Booronderzoek Almere Buiten
AWN werkt mee met ADC Archeoprojecten aan een verkennend booronderzoek in Almere Buiten
Als onderdeel van een activiteit om nieuwe leden te werven voor AWN Flevoland en deze een inkijkje te geven in de interessante en vaak complexe bodemopbouw in onze polder hebben Archie, Frans, Jan en Ellen meegewerkt aan een booronderzoek met ADC Archeoprojecten in Almere Buiten. Het boorwerk werd in eerste instantie uitgevoerd door archeologen en bodemkundigen van ADC ArcheoProjecten. Door de inzet en assistentie van AWN Flevoland was het mogelijk extra onderzoek te doen op deze locatie.
En verkennend booronderzoek is de eerste veldstap in de archeologie en dient om de bodemopbouw in kaart te brengen en daaraan gekoppelde kans op archeologische waarden te toetsen.
Het archeologisch erfgoed van de gemeente Almere omvat vindplaatsen uit de steentijd, scheepswrakken uit latere perioden en vliegtuigwrakken. In de Steentijd werd het grondgebied van Almere, evenals de rest van Flevoland, bewoond door mobiele groepen jagers-verzamelaars. De archeologische resten van deze bewoning bevinden zich in de top van het dekzand en in oudere begraven bodems, maar eventueel ook in de daarboven gelegen Oude Getijde Afzettingen. De pleistocene ondergrond van Almere is in de Nieuwe Steentijd geleidelijk verdronken onder invloed van de zeespiegelstijging, waarna dit niveau is afgedekt met soms meters dikke veen- en kleiafzettingen. De diepte waarop de top van het pleistocene dekzand kan worden aangetroffen, varieert tussen de -6 en -12 meter NAP.
De gemeente streeft naar het behoud van het archeologisch erfgoed in situ, waar nodig aangevuld met andere maatregelen. Om dit te kunnen doen laat de gemeente in geval van ruimtelijke ontwikkelingen tijdig archeologische waarden in kaart brengen.
In dit geval hebben we met een combinatie van 7 cm edelman- en 3 cm gutsboringen de bodemopbouw gedetailleerd in kaart gebracht. Onder dikke bodemlagen behorende tot de afzettingen van opeenvolgend Zuiderzee, het Almere en Flevomeer ( diverse lagen detritus-meerbodemafzettingen) hebben we op ca 4 meter onder maaiveld ook de kenmerkende slappe blauw grijze klei van de afzettingen van de Eem aangeboord. Op ca 7meter onder maaiveld stuitten we op de top van het dekzand maar deze bleek niet overal meer intact behouden.











